Opgespoten MIDA's

Informatie

Status: tijdelijk natuurcompensatiegebied

Habitat: Strand en plas

Compensatiedossier: Deurganckdokproject

Bestemming: haven/industrie/infrastructuur

Streefbeeld

Oppervlakte: 0 hectare

Praktisch

Ligging:

Z2 zones ten noorden en westen van Doeldok

Toegankelijkheid:

Beheerder:  Gemeentelijk Havenbedrijf Antwerpen

Trekker: Gemeentelijk Havenbedrijf Antwerpen

Voorbereiding

Start: december 2001

Voor het zogenaamde reservespuitvak (C59) binnen de Nieuw Arenbergpolder voorzag het Nooddecreet dat dit slechts een streefbeeld ‘spuitveld’ zou krijgen als de opspuiting, na uitputting van andere mogelijkheden, daadwerkelijk zou gebeuren. Dit verklaart het verschil tussen de in de compensatiematrix voorziene 77 ha en de gerealiseerde 42 ha in de spuitvelden C45 en C60.  

Realisatie

Start: oktober 2003

De spuitvakken C45 en C60 werden opgespoten met baggerspecie uit het Deurganckdok.

Beheer

Start: december 2007

Het gebied is sinds broedseizoen 2008 functioneel als strand- en plasgebied. 

In 2009 werd het gebied geoptimaliseerd met een broedeiland van ca. 7 ha met ringgracht. Dit gebeurde als milderende maatregel voor het verdwijnen van de 'Meeuwenbroedplaats', een tijdelijke strand- en plasvlakte die zich aan de kop van het Deurganckdok bevond en voor de bouw van de Deurganckdoksluis opgegeven werd. Voor het broedseizoen 2012 werd aansluitend aan dit broedeiland een bijkomende zone afgegraven om het geschikter te maken voor de doelsoorten. 

Jaarlijks maakt de Beheercommissie een gedetailleerde totaalbalans van de beschikbare oppervlakte pionierssituaties, zodat de streefoppervlakte van 200 ha 'strand en plas' steeds aanwezig is. Hoewel deze terreinen relatief droog zijn, blijven de Opgespoten MIDA's ingeschakeld in deze balans dankzij de genomen optimalisatiemaatregelen (ringgracht, plaatselijke vernatting). 

Toekomst

Waar strand- en plasbroeders in het natuurcompensatieplan voor Deurganckdok werden voorzien van surrogaat broedgebied op de (beschikbare) opgespoten zandgronden, geeft de Achtergrondnota Natuur voorkeur aan meer natuurlijke en duurzame habitattypes om deze doelsoorten (kust- en koloniebroeders) op te vangen, met name 'slik en schor' of estuariene natuur. Dit type wordt ontwikkeld in Prosperpolder Noord en het GGG Doelpolder. Zodra in deze estuariene natuurkerngebieden voldoende broedgebied voor strand- en koloniebroeders is gerealiseerd, zullen de Opgespoten MIDA’s ingezet worden voor havenontwikkeling.

Monitoring