Blokkersdijk

Informatie

Status: bestaand natuurgebied

Habitat: Plas en oever

Compensatiedossier

Bestemming: overig natuurgebied

Streefbeeld

Oppervlakte

Praktisch

Ligging:

Het reservaat beslaat 100ha waarvan 48ha wordt ingenomen door een ondiepe plas. Het wordt aan de noordkant begrensd door de Schelde, aan de oostkant door het St-Annabos, aan de zuidkant door de E34 snelweg Antwerpen-kust (expresweg) en aan de westkant door het industriegebied van Zwijndrecht.

Toegankelijkheid:

Twee delen van het reservaat zijn het hele jaar door toegankelijk voor wandelaars en fietsers. Aan de noord- en noordoostkant kan je terecht voor een wandel- of fietstocht in het bosgedeelte, dat grenst aan het Sint-Annabos. Er zijn twee toegangen die te bereiken zijn via de scheldedijk. Een bezoek aan dit deel is onvermijdelijk een verlengstuk van een tocht door het Sint-Annabos, met voor wandelaars en fietsers verschillende ingangen langs de Charles De Costerlaan en de August Vermeylenlaan. Kom je met de auto dan kan je o.a. parkeren aan de nu afgebroken manege, te bereiken via de Charles De Costerlaan, of aan de Noordscheldeweg, op de hoek van de August Vermeylenlaan en de Esmoreitlaan, naast het revalidatiecentrum Hof ter Schelde. De zuidwestkant werd ingericht voor het optimaal observeren van de watervogels op de plas. Deze plaats is te bereiken vanaf het einde van de zijrijbaan van de Charles De Costerlaan richting Kust, via het fietspad of voor de automobilisten via de grindweg parallel met de E34 (Expresweg Antwerpen-Kust), naar de parking. Hier is een observatieplaats voorzien met zitbanken en een observatiehut. In de observatiehut vind je allerlei informatie over de avifauna van het reservaat. Je komt er ook te weten welke vogelsoorten er recent werden waargenomen.

Beheerder:  Natuurpunt-WAL

Trekker

Blokkersdijk is gesitueerd in de oorspronkelijke Borgerweertpolder en kan aanzien worden als een met kalkrijk scheldezand opgehoogd terrein met centraal een niet opgehoogd gedeelte. In dit centraal gelegen deel ontstond op natuurlijke wijze een voedselrijke ondiepe, brakke waterplas, die door neerslag en kwelwater stilaan verzoette en nu omzoomd is met een brede rietkraag. 

Sinds 1978 heeft het reservaat, wat biotopen betreft, dan ook een hele metamorfose ondergaan. De zandvlakten evolueerden naar open terreinen begroeid met struisriet. Het jonge aangeplante en natuurlijke bos groeide uit tot een volwassen bos met veel dood hout en meer onderbegroeiing. De kalkrijke bodem zorgde op veel plaatsen voor een specifieke flora.

Het gebied dankt in de eerste plaats zijn faam aan zijn grote vogelrijkdom. Deze is het gevolg van de grote diversiteit aan biotopen – van nat tot droog, van open tot dichtbebost – maar ook van de voedselrijkdom, de ligging aan de Schelde en het gevoerde natuurbeheer. Het natuurbeheer bestaat o.a. uit het jaarlijks maaien en afvoeren van een rietperceel om de verlanding van de plas tegen te gaan.

Alhoewel de achteruitgang van de biodiversiteit ook hier toeslaat, worden er over de vier seizoenen, nog altijd tussen de 160 en 170 vogelsoorten waargenomen. In sommige perioden kan op de plas het aantal watervogels oplopen tot een paar duizend exemplaren.

Vogelrijkdom:

Jaarlijks broeden er 46 tot 49 soorten. Tot 2008 broedde elk jaar de Bruine Kiekendief. Nu kan je deze roofvogel van de lente tot de herfst nog regelmatig zien jagen boven de rietkraag. Vanaf half april kan je genieten van de prachtige zang van de Nachtegaal. In de rietkraag en aangrenzende ruigtes broeden ook o. a. Blauwborst, Sprinkhaanzanger, Rietzanger, Bosrietzanger, Kleine karekiet en Rietgors.

Het oude populierenbos aan de noordoostzijde is een paradijs voor spechten, met Grote bonte Specht en Groene Specht als vaste gasten, maar soms laten ook de Zwarte Specht en de Kleine Bonte Specht zich horen. Wat water- en moerasvogels betreft zijn o. a. Dodaars, Fuut, Knobbelzwaan, Bergeend, Krakeend, Tafeleend, Kuifeend en Waterral vaste broedvogels.

Na het broedseizoen is het ook een belangrijk ruigebied voor watervogels. Grote aantallen Knobbelzwanen, Krakeenden, Wilde Eenden, Tafeleenden en Meerkoeten komen dan hun slagpennen ruien.

Ook tijdens de voor- en najaarstrek is het gebied van belang. Dan heb je kans om boven de plas of op de oever o. a. Groenpootruiter, Witgat, Oeverloper, Dwergmeeuw en Zwarte Stern te ontdekken. Maar ook Tapuit, Paapje en Roodborsttapuit komen dan op bezoek op de meer open terreinen. Vooral tijdens de najaarstrek is de Lepelaar het paradepaardje. Dikwijls reeds vanaf juni, maar zeker in juli en augustus gebruiken tientallen exemplaren Blokkersdijk als tussenstop tijdens hun reis naar het zuiden.

Als vaste wintergasten verwelkomen we jaarlijks Smient, Pijlstaart, Tafeleend, Kuifeend, Brilduiker, Grote Zaagbek en in beperktere mate Kleine Zwaan en Nonnetje. Met veel geluk kan je dan zelfs de geheimzinnige Roerdomp aan de rand van de rietkraag bespieden.

Verder kan je er regelmatig Sperwer, Buizerd, Torenvalk en in de  zomermaanden de Boomvalk zien jagen. In het late najaar en tijdens goede voedselomstandigheden foerageren soms grote aantallen Slobeenden op de plas. Tijdens de zomermaanden kan je ook de sierlijke vlucht van de Visdief gadeslaan terwijl hij een visje meepikt.

Status:

Gewestplan: Natuurreservaat en Bufferzone (1979).
Beschermd Landschap (1980).
Europees Vogelrichtlijngebied (1988).
Erkend Natuurreservaat (1998).
VEN-gebied

Bron: http://www.natuurpuntwal.be/index.php?page=blokkersdijk

Voorbereiding

Start:

Realisatie

Start:

Beheer

Start:

Toekomst

Monitoring